web analytics

Er was eens, er was eens niet

Een klein meisje. Een bang meisje. Je zag het aan haar ogen, aan haar
mond. Ik zag geen twinkels, of toch wel? Ik hoorde geen lach, of toch
wel? Ik voelde de angst in mijn buik.
Of, was er iets anders dan angst. Was er meer? Ik vroeg het me af, Ik
wist het niet. Ik durfde het niet te vragen. Ze leek ook zo alleen.

Was ze alleen? Ik kijk haar aan terwijl zij in de kamer zit. Nee, er zijn mensen bij haar. Terwijl het meisje daar zit, praat ze met de mensen. Ik hoor haar papa en mama zeggen. Ik zie de mensen kijken en voel hun verdriet. Ze kijken het meisje aan met een droevige blik. Je vraagt je nu misschien af wat ze denken. Zouden ze denken: lach? Zouden ze denken: lach naar ons? Lach naar jezelf? Misschien wel, misschien niet. Ik weet het niet. Het is stil in de kamer. Er gebeurt niets.

Er beweegt iets in de kamer. Er verandert iets. Door het geopende raam vliegt een vlinder naar binnen. Ik zie de vlinder en ik besef dat alles anders gaat worden. De vlinder is oogverblindend. Zo mooi, zo kleurig, zo levendig. Ik wil haar aanraken, maar ze fladdert weg. Naar het meisje op de grond. Ik zie het meisje kijken en hoor haar stem: dag vlinder. Doordat de vlinder fladdert met zijn vleugels gaan de ogen van het meisje op en neer. Ze kijkt omhoog en volgt de vlinder. Haar ogen worden groter. Haar mond gaat langzaam open. Het lijkt of ze met elkaar praten. De vlinder geeft een knipoog: kom maar, doe maar mee. Je kan het. Laat je gaan. Laat je vleugeltjes wapperen en denk nergens aan. Het is zo fijn!

Voorzichtig staat het meisje op. Ze doet de vlinder na. Ze slaat haar armpjes uit, beweegt ze op en neer. Nog een keer, nog een keer. Ze beweegt zoals ze altijd heeft willen bewegen. Ze danst de kamer door. Haar ogen lijken te glinsteren, uit haar mond klinkt een lach. Je voelt hoe blij ze is. Haar rode jurkje danst en de blauwe schoentjes trappelen op de grond. Alles lijkt te veranderen. Net alsof de vlinder overal kleuren achterlaat en alsof het nooit anders is geweest.

Het meisje danst tussen de enorme zonnebloemen. De grote gele zonnebloemen kijken haar aan en zij kijkt omhoog. Ze lacht, springt. Om haar heen dwarrelt de vlinder. Haar vriend. Hij zegt niks, hij kijkt. En kijkt. En kijkt. Het meisje is gelukkig. Alles is goed. Bovenop de berg komt er rook uit het huisje. Ik zie dat en mijn lach wordt groter. Ik voel het aan mijn mond. Ik hoef niets meer. Waar ik ook ben, tussen de grote zonnebloemen of bovenop de berg, overal ben ik veilig. Ik zing.

Ria Pool Meeuwsen, Werk met Lef!

Be Sociable, Share!

2 comments ↓

#1 janine Oonk-Heezen on 08.13.07 at 16:33

….en het meisje met haar rode jurkje blijft lekker zingen tussen de grote gele (toscaanse?) zonnebloemen….en haar glimlach zit niet alleen van buiten, maar ook van binnen.

#2 Ben Licher on 08.13.07 at 16:38

Dan zien we je weer na de vakantie :-).

Reageer