web analytics

Entries from februari 2009 ↓

Nieuwsgierigheid

Openheid

  • Ik zat laatst op een terras met de ex-man van een goede vriendin. Ik vertelde hem over mijn droombaan, hij gaf me allerlei ideeën, tips en ook het vertrouwen dat ik dat zou kunnen en nu zit ik weer op het spoor.
  • Elk jaar ga ik een weekje alleen weg. Elk jaar doe ik totaal iets anders soms past het bij me, soms ook niet, maar ik neem altijd weer een mooie en bijzondere ervaring mee naar huis.
  • Als iets anders is kan het nog altijd mooi zijn en misschien past het dan toch bij jou.

Pragmatisme

  • Mijn vader heeft een zwaar ongeluk gehad. Even zag het er naar uit dat hij nooit meer zou kunnen lopen. Hij zit nu in een revalidatiecentrum en zal 1 tot 1,5 moeten revalideren. Maar we hebben nu wel bijna elke dag bijzondere gesprekken en ik leer nu meer van hem dan ik ooit had gedacht te kunnen leren.
  • Ik moest afstuderen, laatste jaar van 4 jaar hard werken om toch dat papiertje te halen. En oeps, zwanger. Diverse docenten, klasgenoten en vrienden kwamen met suggesties: abortus, later afstuderen of helemaal stoppen met school. Ik dacht daar anders over. Met mijn mentor een schema gemaakt en een me daar ook aan gehouden. Het was zwaar, hard werken en ondertussen ook nog bevallen en mijn baan kwijt geraakt omdat ik zwanger was. Maar in mei 2006 zat ik daar om mijn scriptie te verdedigen, met op de gang een gezond jongetje van 4 weken. Ik ben geslaagd met een 8. Ik kon mijn diploma met de rest van mijn klas in ontvangst nemen, precies zoals ik had gepland

Nieuwsgierigheid

  • Ik heb hier in mijn hand een onzichtbaar doosje, speciaal voor jou. Weet je wat erin zit?
  • Weet jij al wat voor leuke dingen de sint je gaat brengen?

Bewustzijn

  • Voel je jezelf?

Creativiteit

  • Het bedenken van een mooi gedicht is zeker zware kost maar de voldoening van een geraakt persoon laat ook jou niet meer los

Flexibiliteit

  • Altijd fijn als je je mee kan laten voeren op de wind, links recht, snel langzaam. En je komt toch waar je moet zijn, op het juiste moment op de juiste manier.

Pragmatisme

  • Ik kan er niet overheen, niet onderdoor, niet links of rechts omheen. Hmmm, misschien kan ik er wel gewoon doorheen.

Verantwoordelijkheid

  • Wie bepaald waar je heen gaat en wat er met je gebeurd? God, Allah, je ouders of jij?

Ciska Lazet

 

Je kan zoveel vrijheid, ruimte, ontspannenheid

Terwijl je daar zo ligt en luistert naar mijn stem kun je beginnen met ontspannen. Mensen kunnen zich ontspannen, dit is gemakkelijk te leren. Je ademt in en uit en bent nieuwsgierig naar wat je zult ontdekken. Je kunt misschien een bepaalt gevoel opmerken. Ik weet dat je nieuwsgierig bent. Misschien denk je terug aan een tuin van vroeger, met allerlei mooie planten en bloemen. De warmte van de zon die op je huid speelt en de geluiden van de vogels. Terwijl je daar loopt door die mooie tuin voel je je steeds meer ontspannen. Je mag hier alles voelen en gewoon jezelf zijn. Je weet dat je je mooi bent en dat je goed bent zoals je bent. Je ziet een voor een allerlei mooie bloemen. Je weet dat de roos gelukkig is en de tulp vrolijk, precies zoals het zou moeten zijn. Je mag wat geluk en vrolijkheid plukken en met je meenemen, zoveel je nodig hebt. Je volgt het pad verder de tuin in. Hier staan grote, hoge bomen. De kracht en wijsheid straalt van ze af en dwarrelt langzaam op je neer. Je weet dat je alle kracht en wijsheid mag meenemen die je maar nodig hebt. Je loopt verder op het pad en komt bij een vijver, er zwemmen allerlei prachtige vissen in en ook de eendjes kwetteren een eind weg. Aan de oever staan grote treurwilgen. Hun takken en bladeren hangen heel ontspannen en zwieren een beetje in de warme bries en zijn zo ontspannen dat ze soms zelfs de vijver raken. Jij kan ook zo ontspannen zijn en laat je vingers het wateroppervlak beroeren. Je voelt je heerlijk ontspannen, maar toch heb je genoeg energie om op te staan en weer verder het pad te volgen. Je komt in een groot veld met gras en diep rode klaprozen. Je voelt de ruimte en vrijheid en kan deze opsnuiven, haal maar diep adem en voel de vrijheid en ruimte je lichaam in stromen. Je weet dat je alle vrijheid en ruimte kan opnemen die je nodig hebt en vervolgt weer je pad. Nu kom je aan het einde van dezer prachtige tuin. Ik tel zo meteen van 3 terug naar een en dan kan je je ogen open doen. Je kan zoveel vrijheid, ruimte, ontspannenheid, kracht, wijsheid, vrolijkheid en geluk meenemen als je wilt en je weet dat als je nog een beetje meer nodig hebt je weer even je ogen dicht kan doen en door je tuin kan lopen om nog even wat op te halen. 3 wiebel met je tenen, 2 haal diep adem, 1 open je ogen.

Ciska Lazet

 

Case: heb jij koffie?

a: de coachvraag was : “heb jij koffie”. Toen cliënt eerder deze maand vroeg wat ik op de NLP cursus voor ‘soort dingen’ leerde gaf ik haar mijn uitleg. Daarop antwoordde ze dat ze, als ze zover was, dat ook wel wilde. cliënt belt regelmatig met de vraag of ik thuis ben en als dat zo is zegt ze er dan binnen een kwartier te zijn. Zo verloopt het ritueel wanneer zij bij mij op bezoek wil komen, ik dat ook wil en dan drinken wij koffie en kletsen wat. Ik heb toen cliënt dat zei, gezegd dat zij, als ze zover was maar moest bellen en vragen of ik koffie heb en dat deed zij dus vanmorgen. Al snel bleek dat het niet de koffie was en al helemaal niet belangrijk of ik die koffie wel of niet had. cliënt wilde weten of NLP wel zo geschikt voor haar was maar dat ze nog maar met 1 ding zat en dat dat was dat ze in paniek zou schieten als ze in een situatie zou komen waarin ze teveel open zou staan. NLP zou dus wel geschikt zijn als ze niet in paniek schoot, zo beaamde ze direct.

b: wat ik heb bedacht om te doen:  ik heb de cliënt gevraagd was ZIJ zou doen om minder of zelfs niet open te staan. Ze gaf aan dan zich te kunnen sluiten. Doorvragen leerde mij dat zij zich afsluit door deuren dicht te doen waarachter het ‘probleem’ op een karretje naar de afvalberg is gereden die zij vervolgens kon laten verdwijnen. Zo was het aan beide kanten van de deur: leeg. Door zo’n deur dicht te trekken was zijn niet te veel open. Ze was dan zelfs dicht. Omdat ze dicht was kon ze niet in paniek schieten omdat ze teveel open zou staan. Openstaan kon niet met de deur dicht, namelijk. Gevraagd of ‘paniek’ iets is dat ook achter een deur kon verdwijnen, net zoals teveel open staan. Dit bleek ook te kunnen en toen heb ik gevraagd, omdat zij nu toch al twee keer zo makkelijk iets ‘de deur uit kon zetten’, of er nog meer zaken waren die zij wel de deur uit wilde zetten. Dat zijn tussen 10 en 15 uur, 11 dingen geworden. Cliënte was binnengekomen met de opmerking dat nu officieel in haar dossier stond dat zij een ziekenhuisfobie had en dat ze “die dus maar vast getackeld had”. Met getackeld hebben bleek zij te bedoelen dat de huisarts in haar dossier had geschreven dat zij die fobie had zodat, wanneer ze de volgende keer in het ziekenhuis was, de artsen (vanwege die fobie) zouden MOETEN KUNNEN WETEN dat zij haar stap voor stap zouden moeten vertellen WAT ze gingen doen. Op mijn vraag of het dossier mee ging naar het ziekenhuis antwoordde de cliënt dat dat niet het geval was maar dat zij dat dan zelf zou zeggen tegen de arts. Toen ik vroeg of zeggen dat ze een ziekenhuisfobie had, betekende dat de arts dan ALTIJD zou doen wat zij wilde dat hij zou doen en wat als hij dat niet doet? en wat zou je dan kunnen doen? was cliënt van mening dat ipv ziekenhuisfobie uitleggen omslachtiger was dan zeggen dat de arts zijn stappen aan moest kondigen. Na de eerste stap die niet aangekondigd zou zijn kon zij namelijk nog steeds besluiten weg te gaan bij die arts en naar een andere arts gaan.

Toen ziekenhuisfobie aan mij werd uitgelegd bleek al snel dat niet het ‘zien van iemand met een spuit in de hand’ eng was. Ik deed alsof ik iemand met een spuit was maar ik was niet eng. Wijzen naar de plek waar het abces zat bleek eigenlijk ook niet zo eng als cliënt mij eerst vertelde. Uit die kluwen bleek dus uiteindelijk dat de grote ziekenhuisfobie eigenlijk niets meer was dan een naald die in een abces gaat zonder dat cliënt weet dat dat gebeurt. cliënt besloot toen dat behalve die split second er verder helemaal niets engs was aan ‘ziekenhuis’. Laat staan dat zij het een fobie zou mogen noemen, daar was het namelijk niet groot genoeg voor. Omdat cliënt inmiddels wist dat zij deuren genoeg kon maken om ongewenste zaken buiten de deur te kunnen zetten, kon wat er nog over was van wat ooit een groot ‘ziekenhuisfobie’ was met een handbeweging ‘de deur uit’.

Cliënt heeft recent geleerd zich te ontspannen maar onder hypnose zou zij de controle verliezen, net zoals haar moeder dat deed. Dus heb ik haar gevraagd hoe haar moeder de controle verloor en dat vertelde zij mij tot in detail. Omdat cliënte zo goed wist hoe haar moeder dat deed kon zij die manier om controle te verliezen, ook buiten de deur zetten: dat was manier van haar moeder en niet van haar. Controle houden staat nu ook klaar en indien nodig kan cliënt ‘controle houden’ van positie tov de deur, veranderen. Omdat cliënt controle kan houden was er geen reden waarom zij niet eventjes haar ogen dicht kon doen omdat zij op die manier beter bij haar buikgevoel kon komen. Terwijl zij daar zo lag en met haar ogen dicht steeds beter kon ontspannen was het creëren van deuren iets dat haar makkelijk af ging. Daarom was het het goede moment om zoveel mogelijk ‘zaken’ achter hun deuren te zetten. Een deur maken duurde zo kort dat een paar deuren maken om zaken de ze direct al op kon noemen ( 7 en toen NOG 2) dan ook maar meteen achter die deuren te zetten en later zelfs weg te schoppen, uit het zicht.

cliënt bleek na een bezoek aan een kinesiologe of een psycholoog, energieker te zijn dan voor het bezoek. Niet direct maar na een kop koffie en 10 minuten zitten. Dat kon ook met een kop thee en 10 minuten konden ook 2 minuten worden. 2 minuten betekende toen eigenlijk diep in- en uitademen en ‘iets voelen’ ter hoogte van haar keel. Dat ‘iets’ kon ze groter maken en warmer. Na genoemde bezoeken bleek zij ook te voelen dat haar benen warmer waren. Aangezien dat kwam omdat ‘iets bij haar keel’ groter werd, kon cliënt toen direct dat ‘iets’ groter maken zodat haar benen inderdaad ook direct warmer werden. Omdat de koffie of thee en 10 minuten uiteindelijk een diepe zucht bleken te zijn kon cliënt zich ook voorstellen wat de kinesiologe en de psycholoog bij haar hadden gedaan en omdat dat eigenlijk terug te voeren was op 1 diepe zucht besloot cliënt dat ze het geld dat zij uitgaf aan zowel de psycholoog als de kinesiologe, voortaan gewoon in haar portemonnee kon houden. Omdat zij toen begon te schaterlachen heb ik tijdens het lachen gevraagd zich eens voor te stellen hoe ze zich zo zou hebben gevoeld terwijl ze in het ziekenhuis was en hoe gek ‘iedereen’ zou hebben gekeken als zij daar zo had zitten gillen van het lachen. Zij stelde het zich voor omdat zij inmiddels van mening was dat dat net zo makkelijk was als dingen achter deuren zetten…. of ze juist achter een deur vandaan te halen. cliënt zei toen iets dat ik niet wil herhalen maar aangezien zij vervolgens haar armen om mij heen sloeg en mij kuste heb ik de conclusie getrokken dat zij zich beter voelde dat toen ze binnenkwam. Toen heb ik cliënt gevraagd of zij koffie wilde en zei ze JA, ik vroeg of ze melk wilde en toen zei ze weer JA toen heb ik gevraagd of zij ook een lepeltje wilde en daarop zei ze ook JA. Daarop vroeg ik of zei zich energiek voelde en natuurlijk zei ze JA. Dat verbaasde mij niet want in de loop van de ochtend had cliënt al, toen ze eventjes haar ogen dicht deed om een klein beetje meer te ontspannen, verteld dat zij een mens is dat na 3 keer ja zeggen een vierde keer weer JA zegt. Daarop heb ik haar gecomplimenteerd met het feit dat zij alleen JA zegt als dat goed voelt en goed voor haar is en voor haar omgeving. Als dat niet zo is weet cliënt dat heel goed en zegt zij dus nooit zomaar JA. Toen cliënt dit beaamde heb ik haar ook verteld dat zij dus ook in bijvoorbeeld een hypnose, meteen zou weten dat ze weer alert zou moeten zijn en dat dan dus ook meteen zou zijn. cliënt knikte ook met haar hoofd, net als ik. Voor de zekerheid heb ik cliënt nog en kop koffie gegeven en gevraagd of zij 3, 2 of 1 zoetje wilde en toen de koffie op was heb ik haar gevraagd of ze mijn nieuwe slaapkamer nog even wilde zien voor ze naar huis ging. De slaapkamer was snel gezien en energiek ging cliënt door de deur naar buiten.

Aangezien cliënt op enig moment vroeg of ‘dit’ nou NLP was heb ik gezegd dat dat zo is en gevraagd of ik hetgeen er gebeurde mocht opschrijven omdat ik huiswerk mag maken. Ik heb toestemming om, zonder haar naam te vermelden, ‘dit’ op te schrijven zoals ik zojuist gedaan heb.

Ik heb vandaag alles wat ik geleerd heb, gebruikt. Ik begrijp waarom ik vragen over mijn werk moeilijk vond: ik werk niet, ik geniet.



De wind is je vriend

Zoals je daar zit of ligt
en luistert naar mijn stem
en de geluiden om je heen
kan je
helemaal
helemaal
heerlijk ontspannen
en als je dan zo ontspant
kan je
alle drukte om je heen vergeten
laat maar los die gedachten
blaas ze maar weg
laat het als een warme wind door je heen gaan
bij elke uitademing
blaas je steeds meer overdenkingen weg
voel maar eens hoe je uitademt
en als je dan steeds vrijer wordt
zie je jezelf misschien wel gaan door een bos
of zwevend over de duinen
varend over de golven
het maakt niet uit
laat die zwoele wind maar blazen
misschien voel je huid of haren wel tintelen
en kan je genieten van die warmte
laat maar komen die wind
en zoals een kapitein
gebruik maakt van de wind
zo kan jij
je gedachten sturen
het maakt niet uit waar de wind vandaan komt
de kapitein zal zorgen … dat het goed komt
jij komt er wel ….. kapitein …… laat varen die gedachten
de wind is je vriend
de wind zal voor energie … zorgen … die kan je gebruiken
dat geeft energie
energie die er altijd bij je is
zoals de wind zacht en zwoel kan blazen
en als je dan weer terug komt
daar in een haven
tel ik van 3 naar 1
en zo..met..een nu nog niet doe je je ogen open
dan heb je genoeg energie
om dat te doen wat je vandaag nog wilt doen
3 wiebel met je tenen
2 haal een diep adem
1 open je ogen

FV, November 2008

Het Meer

Terwijl je daar zo zit en luistert naar mijn stem

Voel je dat je kunt ontspannen

En als je je ontspant dan merk je dat al je gedachten en zorgen uit je hoofd verdwijnen

Terwijl je luistert naar de geluiden die je om je heen hoort

Merk je dat je meer ontspannen wordt.

En terwijl je langzaam en diep in- en uit ademt

terwijl je de lucht door je luchtpijp voelt stromen

Weet je dat je steeds dieper in je trance gaat

En zo is het goed

Misschien heb je er een beeld bij

En misschien ook niet. Het doet er niet toe.

En als je er een beeld bij hebt

dan is dat misschien wel een beeld van een meer

Misschien zwemmen er wel vissen in dat meer,

Of hoor je de vogels in de bomen langs de waterkant

Het maakt niet uit want er is rust

waardoor je nog meer ontspant

Waardoor je nog dieper in je trance komt

En zo is het goed

Misschien voel je de warmte van de zon op je gezicht, op je armen of op je benen

Rustgevende warmte waardoor je nog meer ontspant

waardoor je nog dieper in je trance komt

en misschien zit je wel in een boot die op het water drijft

en misschien ook niet want het is niet belangrijk

en als je het schommelen voelt van de boot waar jij in zit

voel je het zachte deinen van de boot op het rustige water

je hoort het kalme klotsen van het water tegen de wand van de boot op het vredige water

en terwijl je steeds meer ontspannen wordt van de rust die je voelt

zie je boven je de prachtige blauwe lucht

en als je dat wilt dan zie je daar de herinneringen aan al die keren dat je succes had in je leven

dat je je goed voelde en dat je je sterk voelde en krachtig voelde

waardoor je nog meer ontspant

waardoor je nog dieper in je trance komt

want je weet dat je succesvol kunt zijn en dat je je goed kunt voelen en krachtig kunt voelen

dat wist je immers gisteren ook al en eergisteren ook

Nu je dat weet hoef je je dat niet meer af te vragen

En als je nu weet dat dat zo is dan weet je morgen ook hoe je succesvol kunt zijn. En overmorgen, en al die dagen die daarna nog volgen


Hypnosetekst van Rob Besseling, Masteropleiding najaar 2008

Ik ben alleen maar nu, dacht hij

Uit “Misschien wisten zij alles” van Toon Tellegen

De eekhoorn schrok midden in de nacht wakker. Had hij gedroomd? Hij herinnerde zich geen droom, maar hij was wel bang. Hij rilde, terwijl hij het toch niet koud had, en hij voelde koude zweetdruppeltjes op zijn voorhoofd en in zijn hals.

Hij probeerde zich zo stil mogelijk te houden en te luisteren naar geluiden van buiten. Misschien had er iemand geklopt of had er in de verte iemand gegild. Maar hij hoorde niets. Hij ging weer liggen, maar hij kon niet meer in slaap komen. Talloze gedachten gingen door hem heen. Hoe moet dit, en waarom is dat, en wat gebeurt er later? Het waren vragen waar hij geen antwoord op wist, vooral niet op de laatste vraag die maar door zijn hoofd bleef gaan: wat gebeurt er later?

Hij kon niets bedenken wat ook maar leek op een antwoord op die vraag. Wat ís later? dacht hij. Hij had het er wel eens met de mier over gehad, maar die had zijn schouders opgehaald en gezegd dat hij nooit van later had gehoord en dat het dus wel niks zou zijn. Maar voor de eekhoorn was dat niet voldoende. De ekster had hem eens verteld dat later het omgekeerde was van vroeger, maar wat was vroeger dan?
Het was een donkere nacht. De eekhoorn deed zijn raam open om de donkere lucht op te snuiven en hier en daar tussen de wolken misschien een ster te zien.

Ik ben alleen maar nu, dacht hij, voor het raam, in de nacht, tegenover de lucht. Misschien heeft de mier wel gelijk, dacht hij verder, en is later niets. Maar wat is het omgekeerde van niets: iets of niets? Bestond vroeger wel of niet? En waarom kon hij eigenlijk niet slapen, terwijl zo te denken iedereen sliep?

Hij zuchtte diep en blies met zijn zucht een blad van de beukenboom de lucht in. Hij hoorde het ritselende blad in de verte wegzweven.

Ik ben alleen maar nu, dacht hij opnieuw. Ik ben nooit later geweest en ik zal nooit vroeger worden. En terwijl hij zijn gedachten, die altijd wijzer waren dan hijzelf, niet langer volgen kon, voelde hij zich weer tevreden worden. Hij ging terug naar bed, stapte onder zijn deken, zei: “nu of nooit” en sliep op hetzelfde ogenblik in.

Met dank aan Ellen Z.